Educatie

Geschiedenis spelenderwijs!

Bent u als leerkracht op zoek naar een levendige en leerzame geschiedenisles? In Middenbeemster wordt het aangeboden. Interactief, speciaal afgestemd op leerlingen uit de groepen vijf van de basisschool.

Waar?
In het Agrarisch Museum Westerhem, het Betje Wolff museum en het Bezoekerscentrum.

Bezocht worden:

  • de woning van de dominee uit de 18e eeuw (Betje Wolff Museum).
  • de woning van de boerenknecht uit de 19e eeuw (Agrarisch Museum Westerhem).
  • de deftige burgemeesterswoning uit de 19e eeuw (Bezoekerscentrum).

Kosten:
€ 4,-. per leerling.

Periode:
Maand mei. Het programma duurt een ochtend (08.45-11.30 uur).

Inhoud van het programma:
De leerlingen krijgen de gelegenheid om op educatieve en speelse wijze drie woonvormen uit de 18e en 19e eeuw te beleven.

We bieden zoveel mogelijk diversiteit in het aanbod. De kinderen zullen, via een film, een toneelstuk, een quiz en het luisteren naar informatie van medewerkers die zich verplaatsen in de bewoners van de 19e eeuw, met dit thema aan het werk zijn. Daarbij gaan zij zich ook verkleden en worden er oude spelletjes gespeeld.

De groep wordt in het Agrarisch Museum in zijn geheel ontvangen met een korte introductie over hun bezoek van die dag. Daarna wordt er een korte film vertoond in het vierkant van de boerderij. De film geeft een indruk van verschillende woonvormen in de huidige tijd, maar ook van vroeger. De groep wordt in drie en later op de ochtend in vier subgroepen verdeeld, zodat zij in circuitvorm aan verschillende activiteiten kunnen deelnemen. Zij worden daarbij vergezeld door een begeleider van de school.
 


De leerlingen gaan op bezoek bij de vrouw van de boerenknecht die met haar man een kamertje heeft in de boerderij. Zij vertelt, alsof zij daar nu nog leeft, dat er in dit kamertje wordt gewoond, gewerkt, gewassen in de tobbe, gekookt en geslapen (in de bedstee).
 


De knecht in de stal legt uit waarom er nog een koe op stal staat. Die is ziek. Buiten op het erf is een ‘huisje’, dat als toilet dient en er wordt uitgelegd wat de functie is van de brongasketel. Ook het boenhok bij de sloot wordt bezocht.
 


De kinderen brengen een bezoek aan de burgemeester die in het bezoekerscentrum in zijn ‘mooie kamer’ de kinderen ontvangt. Voor deze gelegenheid mogen ze door de voordeur, wat niet gebruikelijk is. Ook de zondagse kamer wordt speciaal voor dit bezoek gebruikt.

In het tweede deel van het project, in het ‘Betje Wolff Museum”, worden de leerlingen in vier groepen verdeeld.
In de tuinkamer wordt er naar muziek geluisterd van een oude speeldoos en vullen zij quizvragen in die te maken hebben met de activiteiten die zij al hebben bezocht.
 


In de keuken luisteren en kijken zij naar een toneelstukje van de opa en oma van Ot en Sien die binnenkort hun kleinkinderen op bezoek krijgen. De leerlingen worden in het toneelstuk betrokken.
Op zolder kunnen de kinderen nachtkleding aantrekken en ervaren hoe het is om in een bedstee te slapen. Ook mogen zij een babypop uitkleden om te zien hoeveel kleertjes een baby vroeger aan had.
 


Buiten in de tuin van het museum staat een regenput. Hier wordt met historische materialen een wedstrijd gehouden.

Nadere informatie kunt u verkrijgen bij:

Mart Hellingman

Janna Bakker