Middenbeemster, 26 april 2008.
In het afgelopen jaar werd op het erf van Agrarisch Museum Westerhem een gasbroninstallatie, in combinatie met een boenhok, gebouwd. Het zal zeer waarschijnlijk de laatste zijn, die in Noord-Holland gerealiseerd is. Op zaterdag, 26 april werd deze officieel in gebruik genomen. Door middel van het doorgeven van een kistje met de sleutel door meerdere sprekers, kwam het tenslotte in handen van Mart Timmerman. Deze heeft zich onvermoeibaar ingezet om de brongasinstallatie op het erf van Westerhem te krijgen. Als kroon op zijn inspanningen viel aan hem de eer toe de gaslichtjes in het museum te mogen aansteken en wel op de ouderwetse manier: met lucifers.
VSB-fonds
Als eerste in de rij van sprekers nam J. de Harder van het VSB fonds achter de lessenaar plaats. Hij vertelde, dat het fonds aanvragen voor ondersteuning voor projecten met een historische achtergrond altijd zeer welwillend bekijkt en aan het plaatsen van een nieuwe gasbroninstallatie daarom graag medewerking had willen verlenen. Het verliep helaas allemaal niet zo soepel. Men stuitte op veel bezwaren van de zijde van de gemeente Beemster en Uitwaterende Sluizen. Immers de gasbronnen in Noord-Holland moeten juist allemaal dicht en er mogen geen nieuwe meer bijkomen. Uiteindelijk bleek de bestemming: 'museaal doel' en een gunstig rapport van TNO, de oplossing voor het probleem te brengen.
Vergunning
Door al dat heen en weer gepraat duurde het heel lang voor de vergunning alsnog afkwam, hetgeen uiteraard kostenverhogend werkte.
De werkzaamheden konden nu worden uitgevoerd door Koos Koning en de firma Lankelma. Zij waren zo coulant om de aanvankelijk gegeven offerte gestand na te leven.
Naarmate de aanleg van de installatie vorderde, kwamen er nog meer kosten bij, zoals het maken van een film door K. Schleich en de aanschaf van apparatuur om het publiek meer over dit uniek stukje typisch Noord-Hollandse energiewinning uit het verleden te kunnen laten zien. De aanleg van een passend straatje naar de gasketel kwam er eveneens bij. Ook hier verschafte het VSB-fonds de middelen.
Marathon
Na zijn toespraak overhandigde De Harder het kistje aan de heer Keesoom van de Vereniging van Gasbronhouders in Noord-Holland.
Deze dook even in de geschiedenis van het fenomeen brongas en overhandigde daarna het kistje aan de heer B. Jaarsma, voorzitter van de Stichting Beheer Gebouwen van het Historisch Genootschap Beemster.
En opnieuw werd het stokje (kistje) overgedragen aan de volgende spreker: de voorzitter van het Agrarisch Museum, J. Jobsis. Tenslotte werd het ter hand gesteld stelde aan Mart Timmerman.
En daar was licht!
In zijn sappige taaltje verklaarde Timmerman dat -waar bij deze opening het verhaal over de brongasinstallatie al van alle kanten besproken was- zijn 'weidje al helemaal was kaal gegraasd'. Maar toch wilde hij even zeggen dat hij nog steeds warme gevoelens koesterde over de brongasketel bij zijn boerderij aan de Oosthuizerweg. Thans woont hij daar niet meer, maar hij heeft wel 40 jaar veel nut van zijn brongasinstallatie gehad.
Timmerman kon het toch niet nalaten om toch nog even zijn licht over de werkzaamheden te la ten schijnen. Over de enorme omvang van de ketel met een diameter van 2,27 m en een hoogte van 2,30 m, maar benadrukte ook dat de maker ervan een bijzonder knap stukje werk had geleverd.
Dat bij Westerhem zo'n nieuwe installatie kon worden gebouwd is uitzonderlijk, omdat kennis en vakmanschap om de gasketel te reconstrueren, heden nog maar in zeer beperkte mate aanwezig is.
Als sluitstuk van de officiële ingebruikstelling viel aan Timmerman de eer te beurt de gaskousjes in het museum te ontsteken. Onder grote belangstelling kweet hij zich van zijn taak.
 Boenhok
De installatie lijkt zo veel mogelijk op die, welke vanaf eind 19de eeuw in grote aantallen in Noord-Holland in gebruik waren met het bijbehorende boenhok.
Timmerman haalde ook nog even aan hoe Koos Koning aan de hand van een summiere schets van een boenhok deze had gereconstrueerd en er een prachtig exemplaar van heeft gemaakt, waarin de melkemmers glanzend schoon zijn geplaatst.
Een stukje geschiedenis
Dat er “brandbaar water” onder de Noordhollandse polders zat, was al eeuwenlang bekend. Het gas werd gevormd in het pleistocene tijdperk en is dus geologisch jong: ruwweg één tot twee miljoen jaar. (Het Gronings aardgas, ook methaan, is 300 miljoen jaar oud.)
Wouter Sluis, een boer in de Beemster, ging er mee experimenteren. Jan Lankelma, zijn vriend en technicus maakte een installatie, waarop de eerste lampen brandden. In 1895 slaagden zij er in de nieuwe energiebron te exploiteren en maakten het zo voor het eerst bruikbaar licht op het platteland mogelijk.
Binnen een paar jaar waren er in de Beemster zeker twintig gezinnen die van het nieuwe gaslicht profiteerden. Tussen de wereldoorlogen waren het er in deze polder meer dan 800. In 1950 bevonden zich in de Beemster 816 gasbronnen (11,3 per ha). Nu zijn dat er in heel Noord-Holland nog 160, waarvan nog ongeveer 50 in de Beemster in gebruik zijn. Op brongas kan worden gekookt, gedoucht, er kan een lamp op branden en zelfs kachel gestookt.
Hoe een gasbroninstallatie werkt
Een houten pijp steekt ongeveer dertig meter diep in de grond. Daardoor komt methaan, opgelost in water, vanzelf naar boven. Het water wordt over een paddestoelvormige sproeier geleid zodat het gas van het water wordt gescheiden. Het gas blijft achter onder de ketel en wordt via een gasleiding de woning in geleid. Het koude water, dat met het gas naar boven komt is 11º Celsius. Het werd via het boenhok weer afgevoerd naar de sloot en kon daar nog worden gebruikt voor het reinigen van melkgerei en het koelen van melk.

Locatie
Het museum Westerhem, dat zich de interessantste boerderij van de Beemster noemt, is natuurlijk heel trots op de nieuwe attractie. Het verwacht dat er veel bezoeker geïnteresseerd zullen zijn in de energiewinning aan het eind van de 19de en de eerste helft van de 20ste eeuw. De installatie staat aan de slootkant langs het Kerkhoflaantje. Maar het is natuurlijker veel leuker om het museum, waar de medewerkers alles over de nieuwe aanwinst kunnen vertellen en laten zien, te bezoeken. Ook kan dan de tentoonstelling over tuinbouw in het verleden worden bekeken.
Tekst en foto's: Erny van der Kleut. |